|

Het is midden juli en ik zit gezellig bij mijn tante thuis in Kirkuk in een buurt dat ’50 Ali’ heet. Wij zitten (ik, neven, nichten, enz.) na het middag eten lekker met z’n 35 familieleden in de zitkamer voor de ‘mubaredda’ die op generator werkt en wat de kamer zogenaamd koel houdt. Ik moet toegeven dat het eigenlijk geen effect had en dat ik sacherijnig werd door de verstikkende hitte, pratende vrouwen, drukte en schreeuwende kinderen in één kamer.
Mijn tante woont al 3 jaar in die nieuwe buurt ’50 Ali’. Er is in die buurt ongeveer 10 uur per dag elektriciteit ‘van de overheid’ en de rest van de dag redden zij het met de generator. Met de generator kunnen alleen de koelkast, lampen, ‘mubaredda’ en zulke kleine dingen aangezet worden. De rest van de dingen zoals airconditioning, föhn, wasmachine, enz. werken alleen op de overheid elektriciteit. Ik vroeg mijn tante of de elektriciteit- en waterkosten duur zijn. Zij gaf mij een antwoord waardoor ik met open mond stond. Zij gaf namelijk aan dat zij nog nooit, sinds dat zij daar woont, een rekening gehad heeft. Ik schrok en vroeg om de reden. Me neef zat naast haar en gaf aan dat de overheid deze wijk vergeten is. Er zijn ook geen scholen daar, maar wel tienduizenden huizen en inwoners. Hij gaf aan dat het hele wijk nog nooit een elektriciteit en/of water rekening gehad heeft.
Naast mij zat mij zus dat al 15 jaar in Australië woont en die voor het eerst weer naar Irak komt. Zij luisterde alleen en vroeg niets uit haar verbazing. Het moest blijkbaar bij haar doordringen hoe het mogelijk kon zijn dat de overheid niets weet over een wijk waar tienduizenden mensen wonen. Plotseling ging de airconditioning aan, de generator ging uit en de ‘normale’ elektriciteit ging weer aan. De hele kamer werd binnen een paar minuten koel voor ‘het Irakese middag dutje’.
Na het middag dutje ging ik samen met mijn zus en tante naar de Bazaar in Kirkuk. Het wordt ‘oude Bazaar’ genoemd. Het ‘oude Bazaar’ in Kirkuk was ongeveer 20 jaar gesloten geweest en in 2003 is het weer heropend. Toen ik daar aankwam met mijn zus, die voor het eerst in haar leven in een Irakese sluier loopt genaamd ‘3abaya’, krijg ik het idee dat iedereen naar ons kijkt. Terwijl de bedoeling van de ‘3abaya’ is; minder aandacht trekken. Ik keek naar mijn zus en zag tranen in haar ogen. Ze vertelt me dat ze 9 jaar was toen zij voor het laatst hier was met mijn vader, die tussendoor overleden is. Na dat emotionele moment liepen wij het verwoeste, historische en indrukwekkende Bazaar binnen. Je kunt van alles en nog wat kopen in die Bazaar zoals elektrische apparatuur, make-up, fruit, lingerie, kruiden, goud, medicijnen waarvan de vervaldatum 2007 is, enz. Het Bazaar ligt in het hart van Kirkuk en is erg kleurrijk, traditioneel en oud. Toen ik daar binnen was zag ik dat het Bazaar nooit meer verbouwd is de afgelopen 30 jaar en kreeg het idee dat het op ieder moment in elkaar kan storten. Door de onvoorstelbare hitte en de enge/dorstige/vieze blikken van die mannen die naar ons keken, kreeg ik het benauwd. Ik probeerde ze te negeren en dat lukte mij wel dacht ik, totdat een man naar mij keek en knipoogde en vervolgens van ver een ‘kus’ gaf. Ik voelde de woede en angst in me opkomen en vroeg aan me zus om onmiddellijk weg te gaan.
 De Bazaar.
We liepen het Bazaar uit, na drie uren shoppen, en kwamen bij de ‘oude brug’ en de Kirkuk Citadel terecht. De brug was veelte druk en ik liep zonder om me heen te kijken. Het viel mij op dat er geen auto’s er reden omdat de brug naar markt veranderd is. Toen ik mij omdraaide kon ik mijn ogen niet geloven. Op de brug stonden er duizenden mensen die blijkbaar wat te doen hadden daar zoals; verkopers, bedelaars, bejaarden, kinderen, vrouwen, enz. Mijn tante was naast mij en ik vroeg haar wat dit voorstelde. Ze glimlachte en zei dat er al jaren geen auto’s op deze brug hebben gereden en dat het veranderd is in een soort ‘markt op de brug’. Zij ging verder en vertelde mij dat zij in de jaren 1970, toen zij nog verloofd was, hier romantische wandelingen deed met haar verloofde. Toen was er geen markt op de brug en was er in plaats van troep en vuilnis water onder de brug. Zij ging met haar hoofd schudden en jammeren. Mijn zus pakte haar camera en maakte een foto van de brug en de citadel.
Ik wilde mij voorstellen hoe het was vroeger, maar kon dat helaas niet door de stank van de troep en vuilnis die naar mijn idee al jaren onder de brug ligt.

Na een poosje lopen kreeg ik trek in dadel siroop, ik vroeg mijn tante om even wat te drinken. Mijn zus waarschuwde mij dat het van vies water gemaakt wordt en dat ik daardoor ziek kan worden. In de cafetaria waar ik wat wilde drinken hingen veel muggen in de lucht en mij zus vond dat niet hygiënisch. Maar aangezien ik nooit in Irak mineraal water drink en mij niet aantrek van zulke dingen ging ik twee glazen dadel siroop drinken met mijn tante, terwijl mijn zus haar mineraal water dronk. Opeens zag ik die enge man (die mij van ver ‘kuste’ en knipoogde) voor mij. Mijn zus zei dat hij ons al de hele tijd achtervolgde. Mijn dag eindigde met een heftige ruzie tussen mijn tante en die enge man. Hij werd met geweld weggestuurd door de andere mannen in de cafetaria, die voor ons opkwamen. Ik vroeg mijn tante of zij die mannen kende, ze zei van niet. Ook zei ze dat er nog steeds genoeg dappere en eervolle mannen zijn die voor ons op willen komen zonder dat zij ons hoeven te kennen, omdat zij aan hun zussen, vrouwen en dochters denken. Toen voelde ik mij weer een beetje veilig.
Toen wij de taxi namen om naar huis te gaan, keek ik uit het raam en zag ik de Bazaar, de brug, de citadel en de mensen. Opeens moest ik aan Rotterdam denken. Het zijn twee werelden van verschil en het vreemdste is dat ik mij in beide steden evenveel thuis voel.
Dit is de stad waarnaar ik jaarlijks verlang en waarnaar ik jaarlijks ook ga. Dit is de stad waar ik mij thuis voel en die ik erg mis als ik weer weg ben. Ik hou van die stad ondanks de muggen, de hitte, de enge mannen, de bedelaars( die ik erg zielig vind), ………………….
Kasha Al-Talibani
|